Renkum

Renkum heeft ruim 9800 inwoners. Het dorp heeft van oudsher veel industriële activiteiten. Bekend zijn de papierfabriek Norske Skog (voorheen Parenco) en de rubberfabriek Vredenstein. Deze laatste stond overigens tot eind jaren zeventig in Heveadorp.

Renkumse molenRedichem

Door diverse oudheidkundige vondsten staat wel vast dat er al heel vroeg mensen hebben gewoond in de omgeving van de Hartense beek en de Renkumse beek. In 1816 werd tussen de Keyenberg en Kwadenoord een pot met Romeinse penningen gevonden die dateren uit de periode van ca. 100 jaar na Christus. In een brief van Keizer Ono I van augustus 970 werd Renkum (toen Redinchem) al genoemd. In 1970 vierde Renkum dan ook zijn 1000-jarig bestaan. Lang voor Gelre een graafschap werd zetelde er in Renkum al een oud gravengeslacht. Vandaar de antieke gravenkroon in het wapen van de gemeente.

Met Oosterbeek verenigd

Tot 1573 was Renkum een apart schoutambt. Daarna werd het dorp samen met Oosterbeek verenigd en maakte het deel uit van het Richtersambt Veluwezoom. Andere schrijfwijzen voor Renkum waren onder andere Radighem, Radincheim, Renckom, Rijnkom, Renkom. In 1741 was de dorpstraat al bestraat. Het dorp telde begin 1800 117 woningen, waarvan de helft aan de Dorpsstraat stond, vooral boerderijen. Langzamerhand veranderde Renkum van een boerendorp in een welvarend dorp met drie steen- en twee papierfabrieken in 1928. In de Dorpsstraat kwamen veel nieuwe winkels en werkplaatsen. Door de aanleg van de tramlijn in 1885 en later de elektrische tram ging veel groen in Renkum verloren.

Na de oorlog

In de tweede wereldoorlog werd het grootste deel van Renkum verwoest. Er is na de oorlog dan ook een hele nieuwe Dorpsstraat ontstaan. Tegenwoordig is deze straat voetgangersgebied en loopt de Rijksweg rond het dorp.